Kampioen armpje drukken

Bij Achterhoekse maakbedrijven zijn veel robots actief. De voordelen van hun inzet zijn evident: de mechanische collega’s zijn 24x7 beschikbaar, kunnen taken eindeloos herhalen en de nauwkeurigheid waarmee ze dat doen is niet benaderbaar door mensenhanden. Robots rukken op en komen steeds dichter bij mensen te staan. Bij Ubbink in Doesburg kun je dat heel letterlijk nemen.

 

 

 

De onderneming - die vroeger vooral bekend stond als ijzergieterij - biedt tegenwoordig bouwoplossingen in de categorieën rookgasafvoer, ventilatie en luchtdicht- en waterdicht bouwen. Als één van de eerste Nederlandse productiebedrijven, introduceerde Ubbink in 2016 de ‘cobot’ een samenvoeging van ‘collaboratieve robot’. Een cobot is ontworpen om te communiceren en samen te werken met mensen, in een gedeelde werkruimte. Dit in tegenstelling tot robots, die ontworpen zijn om autonoom te functioneren en juist afgeschermd zijn van mensen. “TOM is de naam van onze cobot, hij is van het type Saywer,” vertelt Linda van de Maat, één van de twee Algemeen Directeuren bij Ubbink en verantwoordelijk voor Operations. “We hebben hem een naam gegeven om het menselijke karakter te benadrukken. Van zichzelf heeft TOM namelijk al wat menselijke trekjes, zo kan hij verbaasd kijken of zelfs lachen.” En het moet gezegd: wie naar TOM kijkt, heeft niet het idee slechts met een machine van doen te hebben. De eenarmige cobot kijkt nieuwsgierig naar de wereld om zich heen, door middel van twee ogen op zijn beeldscherm.

 

Nice to meet you

TOM is ontwikkeld door het Amerikaanse bedrijf Rethink Robotics. Sawyer (okay, vanaf nu zullen we hem weer TOM noemen) is ontworpen om taken uit te voeren die praktisch gezien niet geautomatiseerd kunnen worden met traditionele industriële robots, vanwege flexibiliteit, veiligheid en betaalbaarheid. TOM beschikt over een 7-assige robotarm met een bereik van maximaal 3 meter. Met behulp van ingebouwde krachtsensorfuncties kan hij adaptieve beslissingen nemen tijdens het uitvoeren van zijn taken. TOM werkt tot op 0,1 millimeter nauwkeurig en kan in kleine ruimtes prima uit de voeten.

Niet dat hij voeten heeft trouwens, want TOM staat op een vast onderstel. De cobot beschikt over een camera in zijn arm, die het robotpositioneringssysteem en andere complexe zichttaken mogelijk maken. Aan het einde van zijn arm bevinden zich op maat aan te passen instrumenten zoals grijpers of zuignapjes. Dankzij gevoelige koppelingssensoren - in ieder gewricht - is het mogelijk om de kracht die TOM gebruikt zó in te stellen, dat deze precies goed is. Marcel Vruggink, Spuitgiet/Matrijs Technicus en beheerder van TOM vertelt hoe dat gaat: “Je moet hem voorprogrammeren en de bewegingen voordoen met zijn eigen arm. Daarna kan TOM het verder zelf en hoeven we alleen nog in de gaten te houden of het allemaal goed verloopt. De software begrijpen was in het begin best even zoeken. Werken met een cobot is geen kwestie van plug & produce, maar eerder van ‘al doende leert men’. Gelukkig is er een groot internationaal forum waar heel veel gebruikerservaringen, praktijkvoorbeelden en filmpjes te vinden zijn. Daar ben ik zelf ook actief, want als je als bedrijf alles alleen doet zie je de mogelijkheden niet die een ander soms wel ziet.”

 

Die moeten we hebben!

“Toen dit type cobot op de markt kwam, hebben we vrij snel de beslissing genomen om er één te kopen,” legt Linda uit. “In een productiebedrijf als dit, is het uitproberen van nieuwe ontwikkelingen essentieel om voorop te blijven lopen. Daarom zijn we ook voortdurend op zoek naar innovaties. En met TOM zijn we goed op weg. We hebben zelfs al een tweede exemplaar staan, TOMMIE genaamd. Cobots zijn in aanschaf relatief goedkoop, flexibel in te zetten en ze doen het repeterende werk dat de andere collega’s liever niet doen.” Marcel vult haar aan: “Wij zetten de cobots met name in bij langere productieruns. En dan vooral voor eenvoudige handelingen zoals inpakken. Bij een complex proces zoals het spuitgieten zelf, heeft de inzet van TOM nog geen toegevoegde waarde, al zetten we hem wel in achter de spuitgietmachines. Ook bij hele korte runs - zeg van een paar uur - is het minder interessant om hem in te zetten. Het instellen en bijstellen kost al met al toch wel een uur. We experimenteren volop met deze cobots en niet alles hoeft direct te lukken, maar het moet uiteindelijk natuurlijk wel wat opleveren.”

 

TOM opent ogen

Een belangrijke winst van TOM is volgens Marcel het inzicht in de eigen bedrijfsprocessen: “Dat zijn vaak echte eyeopeners. Je denkt dat de processen volkomen stabiel zijn, maar als je met een cobot gaat werken kom je erachter dat dit niet altijd het geval is. Een cobot kun je heel precies instellen, maar de omgevingsfactoren waarmee hij te maken heeft is een andere kwestie. Als een vloer bijvoorbeeld afloopt, heeft dat effect en grijpt de cobot zomaar naast een onderdeel. Ook afwijkende formaten kratjes, waar onderdelen in moeten komen, vormen een probleem. Dat constateerden we toen TOMMIE consequent onderdelen onder een krat probeerde te stoppen, in plaats van erin. Zo’n cobot laat je heel duidelijk zien bij welke processen nog winst te behalen valt. We leren er als bedrijf veel van.”

 

Kan het personeel straks naar huis?

De inzet van slimme machines is onlosmakelijk verbonden met discussies over werkgelegenheid. “Medewerkers vroegen in het begin wel of zij op termijn vervangen zouden worden,” aldus Linda. “Wij zien dat anders: het is geen vervanging, mensen krijgen andere taken. Meer een monitorende dan een uitvoerende rol. Daarom leiden we hen ook op om zich de benodigde kennis van procescontrole eigen te maken. De cobots kunnen eenvoudige of juist bewerkelijke taken overnemen. De mensen zorgen ervoor dat de cobots hun werk goed doen en de productie efficiënter verloopt. Hun input is heel belangrijk, want zij hebben de kennis en ervaring die nodig zijn om processen te optimaliseren. Zij weten wat wel en wat niet werkt. Daarom hebben we bij de introductie van TOM een tour langs alle afdelingen gedaan, zodat medewerkers zelf mogelijkheden voor de inzet van cobots konden aandragen. Daar is goed gebruik van gemaakt: cobots worden nu meer als kans dan als bedreiging gezien. En die kansen bieden ze ook. Automatisering leidt tot een hogere productiviteit, waardoor de marktpositie (en dus ook de groei) verbetert. Dat is juist goed voor de werkgelegenheid in de regio. We hebben zelfs al productiewerk uit Azië teruggehaald naar Nederland.”

 

Samen leer je meer

In het vorige nummer van dit magazine schreef voormalig innovatiemakelaar Martin Stor al over de cobotpool in de Achterhoek. Ubbink is een van de bedrijven die in die pool zit. Linda daarover: “De pool bestaat uit vier Achterhoekse bedrijven - die elkaar niet beconcurreren - en twee verschillende soorten cobots delen. Ze delen niet alleen de inzet, maar ook de kennis met elkaar. Daar wordt de regio beter van. En er is nadrukkelijk een verbinding gelegd met het onderwijs: het ROC Graafschap College is nauw betrokken bij het initiatief, evenals het ICER in Ulft waar een experimenteerruimte voor studenten is ingericht. In totaal 16 studenten doen gedurende tien weken bij de afzonderlijke bedrijven een project, waarna de ervaringen met de gehele community gedeeld worden. Hier bij ons in Doesburg loopt al een student rond die afstudeert op de cobots. Werken met cobots is zowel voor het bedrijf als voor technisch personeel extra interessant. Ik ben ervan overtuigd, dat deze nieuwe collega’s heel gauw hun plek in het bedrijfsleven gaan veroveren!”